Religieus Genootschap der Vrienden

5.10 Dood, begrafenis en rouwbetoon

Bij het sterven raken de leefbaarheid en de sterfelijkheid van het leven elkaar. Het is een onherroepelijke gebeurtenis die diep en aangrijpend is voor degenen die elkaar liefhebben en voor diegenen die elkaars naasten zijn. Voor de stervende kan het naderend einde gepaard gaan met strijd, met onvrede, of met stille inkeer en het loslaten van wat een mensenleven heeft bepaald. Het is de tijd van de bevrijding van de gebrokenheid van de wereld, maar ook van de schoonheid en alles wat ons lief is in onze wereld.

De vragen van eindigheid en eeuwigheid kunnen in elkaar overvloeien in een ervaring van heelheid of ons deelgenoot maken van het mysterie dat de moeilijk te verwerken tegenstelling tussen leven en dood voor ons inhoudt. Het verdriet over het verlies van een geliefd persoon kan verzacht worden door woorden van begrip en ondersteuning. Quakers weten ook in de stilte de weg te vinden waarop we met elkaar, in dankbaarheid voor het leven van de overledene, Gods aanwezigheid kunnen ervaren en ons richtend op het leven elkaar kunnen bemoedigen.

Quakers kennen geen vastgesteld patroon voor het begeleiden van een begrafenis of crematie. De laatste jaren ziet men in kerkelijke zowel als seculiere kring een tendens ontstaan de teraardebestelling of de crematieplechtigheid te voorzien van al of niet zelf ontworpen rituelen en ceremoniële attributen. Wij leggen de Vrienden voor, getrouw aan ons getuigenis van soberheid, uiterlijk vertoon in ceremonie en ritueel te vermijden.

Een begrafenis of crematie is een moment voor respectvolle aandacht voor het leven van de overledene, maar evenzeer voor aandacht voor het verdriet van de rouwenden en hun verlangen om getroost en gesteund de uitdaging van het leven aan te gaan.
En in de stilte gaat mijn onuitgesproken kreet van protest verloren.

De werkelijkheid is anders – voor veel mensen is het leven maar al te vaak moeilijk en wreed. Ik ben oud en verminkt door bestralingen, de toekomst kan nog meer ziekte brengen, de therapie brengt bijverschijnselen met zich mee, ik treur om mijn verminkingen. De toekomstverwachting waardig oud te worden lijkt een bespottelijke fantasie.
Waar ik behoefte aan heb – en wat ik soms ook ontvang, meestal in de kleine gespreksgroep voor mensen met kanker waar ik lid van ben – zijn woorden die me zeggen dat er iemand is met begrip voor mijn pijn en verdriet, die echt geluisterd heeft en met me meeleeft. En zelf heb ik zulke dingen ook tegen anderen kunnen zeggen.
Wat ons tot steun is geweest is het feit dat wij zelf de risico’s hebben aangedurfd, dat we zijn uitgekomen voor onze kwetsuren en die in vertrouwen met anderen hebben gedeeld en in het feit dat wij verstaan en begrepen zijn, dat men ons heeft gerespecteerd en een weerwoord voor ons heeft gevonden.
Angus Earnshaw, 1996.

Ik geloof dat de moderne biologie ons veel meer heeft doen beseffen dan vroeger mogelijk was op een persoonlijke en emotionele basis dat leven en dood bij elkaar horen. Deze les is van grote religieuze betekenis. We zullen ons leven op een wijze dienen te leven die onze komende dood mede insluit. Grote voorbeelden in de loop der geschiedenis hebben dit altijd geweten en zijn niet in de goedkope verleiding gekomen dat het hele leven daarom vergeefs of het zoeken van plezier daarom gerechtvaardigd zijn. Integendeel, zij werden er door gestimuleerd hun creatieve gaven hen door God verleend tot het uiterste van hun kracht te benutten.

Rudolf Lemberg, 1979
In: This We Can Say – Australian Quaker Life, Faith and Thought, 4.34, 2004.

De Schepper die mij op aarde zette, die mij pas na het passeren van de pensioenstreep op de schouder tikte om me te vertellen: ‘Ik zie je’; de Hij/Zij/Het die het leven uitdeelt en weer terugneemt; zou hij het leven als een ‘amusing commodity’ zien?
Wij zijn als vuurvlieg jes, wij gloeien kortstondig in de nacht en branden snel op. Is het zijn vreugde om ons met miljoenen te zien gloeien en meer niet? Al dat scheppingswerk om eeuwenlang slechts lichtpuntjes te zien zweven tot de Eind Big Bang ons uitwist?

Ik kijk er niet naar uit om dood te gaan, maar ben nieuwsgierig naar het dood zijn, want ik kom ergens vandaan en denk dat ik daarheen zal terugkeren.
De eenwording van mijn druppel met de Stille Godoceaan.
Thea Droog, 2013.

Posted on