E. Hicks Het koninkrijk van de Vrede 

VREDESGETUIGENIS QUAKERS

Aan een onlangs gehouden enquête onder de leden van de Nederlandse Quakers zijn de volgende citaten over vrede ontleend. De citaten beogen een globale en kernachtige weergave te zijn van de diversiteit in beleving. Bijvoorbeeld vanuit innerlijke vrede, menswaardig leven, geweldloosheid, en ondersteunen van zwakke groepen in de samenleving.

‘Voor mij houdt het vredesgetuigenis in dat ik tegen elke uiting van agressie ben, ook wraak, ook je humeur uitleven, terugslaan als je bent gekwetst, je pijn laten zien als dat een ander pijn doet, kortom: we doen elkaar geen pijn. Ik pas het getuigenis dagelijks toe in mijn leven, het is een van de belangrijkste leidraden waarnaar ik leef. Dagelijks leven volgens het 'we doen elkaar geen pijn' principe is ontzettend moeilijk en gaat heel, heel ver. Het vraagt alle empathie, grote voorzichtigheid, enorme discipline en zelfbeheersing. En het maakt me een grote uitzondering in mijn niet-Quaker omgeving’.

‘Ik hou me niet met het 'grote' vredeswerk bezig, mijn ding is meer het kleine: er zijn. Op vele terreinen, dicht bij huis. Oppassen, burenhulp, samen eten. Zo wordt er ook voor mij gezorgd als ik dat nodig heb. Genieten van met elkaar wonen en leven, vreugde en verdriet delen. Ook met (klein)kinderen. Om mijzelf beter te leren kennen, en (O.a.) beter om te gaan met mijn onvrede. Kortom: de kleine vrede houdt me boeiend bezig!’

 

‘Vrede betekent voor mij vanuit innerlijke vrede te komen tot vrede met elkaar’.

 

Het Quaker vredesgetuigenis

Wij verwerpen met grote nadruk alle oorlog en strijd tegen anderen en elk gevecht, anders dan met de wapenen van de geest, voor welk doel en onder welk voorwendsel het ook moge zijn. Dit is ons getuigenis voor heel de wereld. De Geest van Christus, waardoor we ons laten leiden is onveranderlijk en kan ons dus niet het ene ogenblik van iets afhouden, omdat het verkeerd is en ons er dan weer toe aanzetten.<br />Het is onze diepste overtuiging, die we voor de hele wereld uitspreken, dat de Geest van Christus, die ons leidt in alle waarheid, ons nooit zal aansporen om met uiterlijke wapens te strijden en oorlog te voeren tegen wie dan ook en zulks niet voor het Koninkrijk van God, noch voor de Rijken van deze wereld.

(Deze verklaring werd in 1660 afgelegd door de Quakers tegenover koning Karel II van Engeland)

 

‘Ik ben een echte vredestichter, doe bewust aan geweldloze communicatie in mijn directe leefomgeving en werkzaamheden. Een mooie Joodse levenswijsheid luidt: ‘Een verloren vrede is beter dan een gewonnen oorlog’. Echte vrede vind ik in mezelf, dat draag ik uit’ .

‘Vrede betekent niet alleen afwezigheid van oorlog, maar een menswaardig leven voor iedereen op de wereld. Een einde aan oorlog is alleen mogelijk in een rechtvaardige samenleving met een eerlijke verdeling van bezit, kennis, grondstoffen. In een samenleving waarin mensen niet getraumatiseerd worden doordat hun primaire levensbehoeften niet vervult worden’.

‘Door mijn vredeswerk heb ik mensen leren kennen wier levens door geweld wordt ontwricht, vaak al sinds meerdere generaties, en die juist geweldloos naar vrede blijven streven. Meer dan een abstracte visie zijn deze concrete ontmoetingen met First Nations (Canada), Palestijnen, Koerden en anderen mijn inspiratiebron. Die ervaringen hebben mijn wereldbeeld en mijn religieuze leven ingrijpend beïnvloed’.


‘Ik ben er steeds meer van overtuigd geraakt dat God dicht bij die mensen staat die aan de rafelranden van de wereld leven. Het Bijbelse visioen van shalom (vrede, heelheid) is steeds bij uitstek door mensen in situaties van bezetting, geweld en onderdrukking onder woorden gebracht; en ik voel zelf ook meer van Gods aanwezigheid in de verhalen en handelingen van mensen die oorlog en milieuverwoesting aan den lijve ondervinden, dan waar elders ook’.

 

‘Eén inzicht vanuit het CPT-werk is dat er nauwelijks zinvol over vrede en geweld te spreken valt zonder naar machtsverhoudingen te kijken. Het bekende beeld van twee strijdende ezels daarbij kan misleidend zijn; vaak gaat het bij gewelddadige conflicten niet om twee even sterke ezels die beide te koppig of te boos zouden zijn om consensus te zoeken, maar om een krachtmeting tussen een muis en een olifant. Hoe krijgt de onderdrukte partij in zo’n situatie een realistische kans om gehoord te worden? Welke factoren zouden ons in de weg kunnen staan om het onderliggende perspectief te begrijpen?’

‘I am engaged in bottom-up peacebuilding, that is working with people where they are. Such people can be in villages in the Netherlands or in any other part of the World. They can be marginalized groups of various sorts, such as asylum seekers and refugees, members of minority groups, people with a fysical or mental challenge, or people who have been abused. I strongly belief in empowering people to take control of their own lives, by giving them tools (i.e. knowledge, skills and attitudes) to do that. This is called creating conditions for peace (Adam Curle)’.

Een boycot kan een goed persoonlijk antwoord zijn op onrecht en geweld. Maar het is altijd belangrijk een goede afweging te maken van belangen: ‘Omdat een boycot ook niet-schuldigen treft, er een element van straf in zit waardoor we ons (ongelijkwaardig) boven de ander plaatsen, en het de tegenstellingen verscherpt, kan het een agressief middel zijn. Het druist dan in tegen het vredesgetuigenis. John Lynes geeft alternatieve suggesties in Boycotts are negative. Bijvoorbeeld in plaats van Israëlische producten bewust niet te kopen en anderen te ontraden ze te kopen, Palestijnse producten met klem her en der aanbevelen’.  

 

 


Quakers